Wie heeft Deze geschapen
7. In den beginne. Rabbi Elazar opende de discussie en citeerde, “Heft uwe ogen op omhoog en zie. WIE HEEFT DEZE DINGEN GESCHAPEN?” (Yeshayahu 40:26). “Heft uwe ogen op,” tot welke plaats? Naar de plaats waar alle ogen op gericht zijn. En wie is Hij? Hij is de opening van de ogen, welke Malchoet is van de Rosj (hoofd) van Ariech Anpien. En je zult zien dat Atiek verborgen is en daar ligt het antwoord op de vraag: WIE HEEFT DEZE GESCHAPEN? WIE wordt MI (Mem-Joed מי) genoemd, ZAT de Biena, de hoogste uithoek van de hemel, en alles is van Hem afhankelijk. Aangezien de vraag in Hem vertoeft, is Hij verborgen. Hij wordt MI genoemd, omdat MI is wanneer de vraag “Wie?” wordt gevraagd, want verder dan hem bestaat geen vraag. Deze vraag wordt alleen gevonden bij de hoogste uithoek van de hemel.
In het Hebreeuws betekend het word MI de vraag “Wie?” en ook het voorzetsel “van”. Aangezien Kabbala ons verteld over de eigenschap van bron van onze wereld, kan één enkel spiritueel object een volledig veld van associaties, eigenschappen, en categoriën onthullen. Op dezelfde manier is het woord MI een onderdeel van het woord ElokIM, waarvan de laatste twee letters het woord MI vormen. Ze hebben tegelijkertijd een verscheidenheid van bijkomstige betekenissen.
Rabbi Elazar wilt uitleggen hoe de hemel en de aarde schapen waren. Vanzelfsprekend spreekt De Zohar, evenals de gehele Thora, alleen over de spirituele niveau’s en categoriën, en heeft niets te maken met de fysieke oorsprong en ontwikkeling van onze wereld. Het is onmogelijk om de ware oorsprong en ontwikkeling van onze wereld te begrijpen zonder het bevatten van geestelijke werelden. Bovendien, is het voor een persoon onmogelijk om zijn bevattingen over te brengen op anderen. Zelfs als hij de essentie begrijpt van de oorsprong van de natuur, dan heeft hij geen manier om deze kennis in een bepaalde vorm te beschrijven dat begrijpelijk is voor anderen. De hemel en de aarde bestaan uit de 7 dagen van de Schepping oftewel ZO”N van de wereld Atsieloet. Desalniettemin, daar dit een deel is van Atsieloet, waarom staat er dan geschreven BARAH (geschapen; van het woord Brieja) en niet ATZIEL (geschapen; van het woord Atsieloet)? Dit geeft ons de mogelijkheid om onze ogen te openen met betrekking tot het proces van de schepping.
De Rosj (hoofd) van AA heeft alleen Kether en Chochma. De Malchoet die onder de ogen (Sfira Chochma) staat wordt “opening van de ogen” genoemd. Wanneer het open gaat, komt het Licht Chochma er door vanaf de Rosj van AA naar alle Partsoefiem van de wereld Atsieloet.
Het is gezegd dat de ogen opgeheven zouden moeten worden NAAR DE PLEK WAAR ALLE OGEN OP GERICHT ZIJN. Dit komt omdat het Licht Chochma alleen alle Partsoefiem van de wereld Atsieloet kan opvullen wanneer Malchoet in de Rosj van AA zich opent. Het geheim van het openen van de ogen bevindt zich in Malchoet. Het Licht Chochma (wijsheid) is het Licht van de ogen. Het komt vanuit de ogen en men kan dit Licht zien.
Het woord BARAH komt van BAR (buiten; verder), dat buiten de wereld van Atsieloet betekend. Dit komt omdat Biena uit de Rosj van AA kwam, lager werd, en ZO”N schiep (namelijk BARAH). In het Hebreeuws heeft elk begrip meerdere mogelijk namen die definiëren welke handeling hier plaatsvondt. Hier vond de geboort van ZO”N plaats met behulp van het afdalen van Biena van haar niveau. Het scheppen van ZO”N op die manier wordt BARAH genoemd (BAR – buiten het eigen niveau)
De gehele schepping bestaat alleen uit de 10 Sfirot. Echter, aangezien elke Sfira in zich alle andere bevat en aangezien allen van hen onderling verbonden zijn, zo heeft elke wereld, niveau of Sfira de eigenschappen van hun allemaal en bestaat uit hun delen. Elke Sfira bestaat daarom uit Kether, Chochma, Biena, Z”A en Malchoet, waarvan elk van hen op zijn beurt weer uit 5 andere bestaan. Bij elkaar opgeteld, 5 x 5 x 5 = 125 Sfirot die ons (het laagste) scheiden van de Schepper (het hoogste).
De eigenschap Biena is om niet het Licht Chochma te ontvangen. Maar om het Licht Chochma aan Z”A en Malchoet door te geven, Biena wijst in zichzelf een gedeelte toe genaamd ZAT de Biena ookwel YESHSUT genaamd welke het licht Chochma ontvangt van de Partsoef Chochma en het doorgeeft aan ZO”N. Het voornaamste gedeelte, Biena zelf, wordt GAR de Biena genoemd. Het deel dat het Licht Chochma ontvangt wordt ZAT de Biena genoemd.
Wanneer Biena uit de Rosj komt en naar de Goef (lichaam) afdaalt, zoals het in de 2e beperking voorkomt, heeft dit er geen uitwerking op want Biena zelf lijdt niet onder het gebrek aan het Licht Chochma. Het is alsof het nooit de Rosj heeft verlaten. Echter, dit heeft alleen betrekking tot het hogere gedeelte van Biena, GAR de Biena, welke geen verlangen heeft naar Chochma. Dit gedeelte wordt AVI genoemd, en zijn plaats is vanaf de Peh tot aan de Chazeh van AA.
Echter, Biena dat Chochma voor ZO”N wilt ontvangen, zoals een moeder die voor haar kinderen wilt ontvangen, voelt haar uitkomen van de Rosj van AA naar zijn Goef (lichaam). Dit komt omdat Biena hier niet het Licht Chochma kan ontvangen. Het enige wat ze kan ontvangen is het Licht Roeach-Nefesj, de VAK van het Licht. Dit gedeelte van Biena wordt YESHSUT genoemd en zijn plaats is vanaf de Chazeh van AA tot zijn Taboer.
De positie van ZO”N van de wereld Atsieloet die van YESHSUT ontvangt is vanaf Taboer tot het einde van de voeten van AA die gepositioneerd zijn op de Parsa. Aldus, er zijn twee Parsaot (mv. van Parsa). Eén is in de wereld Atsieloet en het scheidt de Sfirot van “geven” (GE) van de Sfirot van “ontvangen” (AHP). Deze Parsa is op het niveau van de Chazeh van AA. De tweede Parsa staat tussen Atsieloet en BJA. Echter, men kan best zeggen dat elke Partsoef zijn eigen Parsa heeft die scheiding maakt tussen de verlangens van het geven van de verlangens van het ontvangen.
Alhoewel GAR de Biena gepositioneerd zijn onder de Rosj van AA, is het alsof ze het niet verlaten hebben daar zij het zo niet voelen. Met andere woorden, zij wensen geen Chochma en wensen alleen om te geven, en datgene wat alleen wenst te geven voelt overal perfectie. Alle Partsoefiem en hun delen die niets te doen hebben met het ontvangen van Chochma (K-CH-GAR de Biena) worden gescheiden door de Parsa van de andere delen van de wereld Atsieloet die wel Chochma willen ontvangen (ZAT de Biena en ZO”N)
Er wordt bedoelt met de “bestaan van de vraag” waarover De Zohar spreekt het ervaren van het gebrek aan het Licht Chochma, het verlangen ernaar. ZO”N voelt zich op deze manier, zie, zij doen MA”N opstijgen. MA”N is een verzoek van de lagere Partsoef om het Licht Chochma van zijn hogere te ontvangen omwille van de Schepper (op een altruïstische manier). Dit wordt een ”vraag” genoemd omdat het gelijk is aan een gebed of een verzoek. De Zohar zegt dat alleen YESHSUT een vraag heeft, waarmee bedoeld wordt dat het van beneden MA”N ontvangt, van ZO”N.
Voordat, was er gezegd BARAH (BAR) over YESHSUT, wat betekend dat iets buiten zijn niveau bestaat. Wat deed het? BARAH (schiep) ELEH, oftewel, AHP of ZO”N. Echter, schiep het hen zonder hoofd gelijke zichzelf. Dit komt omdat het woord BARAH (verder; erbuiten) aanduidt dat het aan Goef gebrek heeft (de Keliem van de wereld Atsietloet).
ZAT de Biena die wachten op een “antwoord op de vraag,” op het Licht Chochma, worden MI genoemd. Er wordt over hen BARAH gezegd omdat zij vanuit eigen wil uitgingen en van het niveau van de Rosj van AA naar de Chazeh afdaalde. Deze ZAT de Biena genaamd YESHSUT of MI, de “hoogste grens (uithoek) van de hemel” omdat hemel refereerd naar Z”A die van YESHSUT ontvangen. Malchoet wordt “aarde” genoemd.
ZAT de Biena wordt firmament genoemd.
Z”A wordt hemel genoemd.
Malchoet wordt aarde genoemd.
Alles dat onder YESHSUT bestaat ontvangt van YESHSUT; YESHUT wordt gezien als de herlevende kracht van de gehele schepping. Als YESHSUT het Licht heeft, dan ontvangen anderen het ook. Echter, hun MA”N bepaald of YESHSUT iets zal hebben om aan hen te geven.
ER BEVINDT ZICH GEEN VRAAG in Gar de Biena (AVI). Zij ontvangen geen MA”N voor het ontvangen van Chochma en zij voelen nimmer enig gebrek aan Chochma, noch voor hunzelf noch om aan anderen te geven. Alleen ZAT de Biena of YESHSHUT zijn geschapen en bestaan voor de de vraag, oftewel, voor het ontvangen van MA”N, de toevoeging van ZO”N. YESHSUT doet de MA”N opstijgen, die zij ontvingen van ZO”N, naar de Rosj van AA en ontvangen er het Licht Chochma van. YESHSUT wordt de “hoogste uithoek van de hemel” genoemd, omdat Z”A, genaamd hemel, ervan ontvangt.
8. Er is beneden een andere grens genaamd MA. En wat hebben MI en MA gemeen? De eerste is verborgen en wordt MI genoemd. Daar bevindt zich de vraag, zodat de mens zou zoeken en onderzoeken om te weten en te zien vanaf het ene niveau naar het andere, tot het eind van alle niveau’s, dat Malchoet is. Dit is MA. MA (wat) betekend dat je weet, ziet, en onderzoekt omdat alles in het begin verhuld is.
Het zich bevinden in een toestand van aangezicht-tot-aangezicht Zivug met Z”A, wordt Malchoet ookwel MA genoemd (evenals Z”A) en wordt gezien als de lage uithoek van de hemel omdat het alle niveau’s en Atsieloet eindigd. Z”A genaamd “hemel” staat tussen Malchoet (de laagste uithoek van de hemel) en YESHSUT (de hoogste uithoek van de hemel).
DE MENS MOET INFORMEREN, ZIEN, EN ONDERZOEKEN. Alleen wanneer een persoon die onder ZO”N is MA”N doet opstijgen naar ZO”N, doet ZO”N deze MA”N nog hoger opstijgen. Dit gebeurt omdat ZO”N gecorrigeerd wordt met behulp van het Licht Chassadiem en willen niet het Licht Chochma ontvangen. Alleen wanneer er een verzoek van beneden komt, vanaf de mens, stijgt ZO”N naar YESHSUT en vragen naar het Licht Chochma. YESHSUT zet voort door MA”N naar AVI te doen opstijgen, en AVI doet MA”N verder stijgen naar AA. AVI stijgt op naar de Rosj van AA waar zich het Licht Chochma bevindt en maakt een Zivug op dit Licht.
Zivug van AVI wordt “Abba en Iema kijken elkaar aan” genoemd. Kijken betekend het ontvangen van het Licht Chochma (horen betekend het ontvangen van het Licht Chassadiem). Als gevolg van het opstijgen van AVI naar de Rosj van AA, begint Biena Chochma voor ZO”N te ontvangen. Alle Partsoefiem van de wereld Atsieloet worden door het Licht Chassadiem op die manier gecorrigeerd dat zij geen Licht Chochma voor zichzelf wensen te ontvangen.
Diegene die zijn verzoek kan doen opstijgen, MA”N, ZO”N aanzet om op te stijgen naar YESHSUT en op die manier YESHSUT er aan toe zet om op te stijgen naar de Rosj van AA en daarmee het Licht voor de mens te ontvangen, wordt niet gewoon een mens genoemd maar een “rechtvaardige”!
Het verzoek (MA”N) dat een persoon doet opstijgen naar ZO”N wordt de ziel van de mens genoemd want een ziel is een vat, een verlangen opgevuld met het Licht. Echter, het Licht in een vat wordt bepaald door verlangen. Het spirituele verlangen, de intentie om omwille van de Schepper te handelen is wat de ziel inhoudt. Vanzelfsprekend, wanneer een mens niet zulke intentie heeft, dan heeft hij ook geen ziel. De geestelijke wereld is een wereld van louter verlangens zonder enige wereldse omhulsels. De lezer wordt er toe aangezet om zijn idee over de ziel, het lichaam, de verbindingen tussen de werelden te herzien, en voortdurend zijn interpretatie van deze categorïen te corrigeren.
Dus, de gecorrigeerde verlangens van de mens worden de zielen van de rechtvaardigen genoemd. Deze zielen stijgen op in de vorm van MA”N naar ZO”N en zetten ZO”N aan om op te stijgen naar YESHSUT. De aanwezigheid van ZO”N creëert in YESHSUT een verlangen om het Licht Chochma te ontvangen. Dit zet YESHSUT (ZAT de Biena) aan om naar de Rosj van AA op te stijgen en één Partsoef van GAR de Biena (AVI) daar te vormen. AVI (AB + SAG = AA + AVI) kijken elkaar tijdens het uitwisselen aan en laten het Licht Chochma door naar ZO”N.
Zonder een verzoek van beneden, zijn AVI tevreden met het Licht Chassadiem en “kijken” elkaar niet aan. Alleen het verzoek van hun kinderen (ZO”N) zet AVI er toe aan om elkaar aan te kijken (Paniem be Paniem) en een Zivug te maken. Met deze Zivug, ontvangt Iema-Biena van Abba-Chochma het Licht Chochma voor haar kinderen, ZO”N.
Echter, dit komt voor OMDAT DE MENS INFORMEERD. De vraag van de mens betekend het opstijgen van MA”N om AVI elkaar te doen aankijken, een Zivug te doen maken, en Iema Chochma van Abba te laten ontvangen voor de mens die zijn ziel doet opstijgen. Het afdalende Licht van Chochma wordt kennis (Da’at) genoemd omdat ZO”N opstijgt naar YESHSUT + AVI, en stimuleerd een Zivug op het Licht Chochma genaamd “kennis”. Zie, er staat geschreven in de Thora: “En Adam kende zijn vrouw.”
Aldus, KENNEN betekend het ontvangen van het Licht Chochma. ZO”N die in AVI staan en AVI er toe aanzetten om het Licht Chochma te ontvangen worden Da’at (kennis) genoemd, of the Sfira Da’at. Dit is geen bijkomstige Sfira. Er zijn alleen 10 Sfirot. Desalniettemin, om kennen te geven dat het verzoek van ZO“N binnen in de 10 Sfirot van de Partsoef AVI bevindt, zeggen we dat AVI een Sfira hebben genaamd Da’at. In dat geval, in plaats van een reguliere telling van Sfirot: K-CH-B-CH-G-T-N-H-J-M, tellen we de Sfirot: CH-B-D-CH-G-T-N-H-J-M. De Sfira Kether wordt weggelaten, en we spreken alleen over de Sfira Da’at na Chochma-Abba en Biena-Iema. VANAF HET ENE NIVEAU NAAR HET ANDERE betekend het doorgeven van het Licht Chochma vanaf de Sfira Da’at van het niveau AVI naar het niveau Z”A. NAAR HET EIND VAN ALLE NIVEAU’S betekend vanaf Z”A naar Malchoet welke het einde van alle niveau’s wordt genoemd.
Wanneer het Licht aanwezig is in de Noekva, wordt het MA genoemd, en het Licht welke het doorgeeft wordt 100 zegeningen genoemd. Er zijn verschillende toestanden in Noekva, de Malchoet van de wereld Atsieloet. Men zou ze moeten kennen omdat alles wat we ontvangen daar vandaan komt. Naast alle toestanden van groei vanaf het punt tot een volle Partsoef, heeft de volgroeide Malchoet 2 grote toestanden.
Malchoet verkrijgt de 1e grote toestand wanneer ze het Licht Neshama ontvangt. Dit vindt plaats door het opstijgen van MA”N, AVI stijgt één niveau vanaf haar permanente plaats omhoog naar de Rosj van AA. Echter, alhoewel YESHSUT vanaf zijn permanente plaats, tussen de Chazeh en de Taboer van AA, opstijgt naar de plaats van AVI (tussen de Peh en de Chazeh van AA), bekleedt het nog steeds de Goef van AA, ofschoon het vloeit samen om één Partsoef met AVI te vormen.
Aangezien YESHSUT nu de plaats vanaf de Peh tot de Chazeh van AA aan de buitenkant bekleedt, aan de ene kant, wordt YESHSUT nu als de Rosj van AA want het vloeit samen met AVI in de Rosj van AA als één Partsoef. Aan de andere kant, YESHSUT steeg ook vanonder de Parsa van Atsieloet vandaan in de Chazeh van AA en stond er boven waar de Rosj van AA schijnt.
YESHSUT stuurt het Licht Chochma door naar Z”A, en Z”A stuurt het door naar Malchoet. Malchoet vult zichzelf met die Licht genaamd “100 zegeningen”.Dit komt omdat na het ontvangen van dit Licht, ZO”N naar de vaste plek van kan opstijgen, tussen de Chazeh en de Taboer van AA. Door naar dit niveau op te stijgen, gelijkt Malchoet op Iema. In de geestelijke werelden bepaald alleen het niveau van het geestelijke object alle eigenschappen. Eensgelijk, in onze wereld, bepaald het niveau van de innelijke ontwikkeling van de mens zijn eigenschappen, gedachten, en verlangens. Aangezien Iema gelijk staat aan 100, wordt Malchoet ook 100 genoemd om te het feit te benadrukken dat Malchoet naar Biena van de wereld Atsieloet opsteeg.
Aan de andere kant, wordt Malchoet nu gelijk aan MI, evenals YESHSUT was vóór het opstijgen van MA”N en het doorgeven van Licht want het bekleedt de plaats van de kleine toestand van YESHSUT, vanaf de Chazeh tot de Taboer van AA. Het staat onder de Parsa van de wereld Atsieloet waaronder het Licht van de Rosj van AA zich niet kan bevinden.
Daarom verkreeg Malchoet geen Licht omwille van hetgeen hij MA”N deed opstijgen. Desondanks verkreeg Malchoet de eigenschappen van Iema-Biena omdat het opsteeg naar YESHSUT genaamd Iema.
Het Licht ontvangen door Malchoet wordt niet voor niets gerekend als VAK van de 1e grote toestand. Het zal voor Malchoet niet mogelijk zijn om GAR van de 2e grote toestand te ontvangen, het Licht Chochma (Chaja) terwijl het zich onder de Parsa van Atsieloet bevindt in de Chazeh van AA. (Het wordt uitgelegd in paragraaf 11 tot 15 van het volgende artikel hoe Malchoet de GAR van de grote toestand ontvangt).
De Zohar noemt de Noekva die naar YESHSUT opsteeg, MA, want door middel van deze opstijging verkreeg Malchoet de eigenschappen van Biena, 100 zegeningen. Het verkreeg ook de gewaarwoording van de “vraag”. Malchoet voelt dat het alleen VAK (een half deel, een deel van de grote toestand) heeft, oftewel, het voelt verlangen naar zijn 2e helft, GAR. Desondanks verkreeg het een deel van de grote toestand, de VAK van AVI.
Dat wil zeggen, Noekva werd als YESHSUT voordat het MA”N deed opstijgen, maar het verkreeg de eigenschappen van Biena, 100 zegeningen. Aangezien dit het licht VAK in de grote toestand is, voelt Noekva gebreken (vraag), evenals YESHSUT voelde voordat het MA”N deed opstijgen. YESHSUT op zijn plaats was in een kleine toestand. Wanneer het opsteeg naar AVI, steeg AVI naar AA, en ZO”N steeg naar de plaats van YESHSUT. AVI schijnt vanaf de Rosj van AA op de plaats van YESHSUT. ZO”N die daar nu staan voelen het Licht welke zij ontvangen van AVI en realiseren dat dit maar een deel van het Licht is, en dit genereerd in hun weer een andere vraag.
9. Dit geheim wordt gedefinïeerd met het woord MA: WAT getuig je en WAT is gelijk aan jou? Wanneer de Tempel vernietigd was, klonk er een stem en zei, “Wat (MA) zal ik nemen om voor jou te getuigen, en wat (MA) zal ik aan jou gelijken?” (Lamentations 2:13) Hier betekend MA, “Wat is het verbond, getuigenis, wat (MA) is gelijk aan jou?” Dit komt omdat de dagen van weleer getuigen, zoals staat geschreven: “Ik roep de hemel en aarde om voor deze dag te getuigen” (Dvariem 30:19). WAT is gelijk aan jou? Er is gezegd: “Ik verfraaide je met heilige versieringen en maakte je heerser over de aarde. En er staat geschreven: “Is dit de stad die mensen de volmaakte schoonheid noemen?” (Lamentations 2:15). Als toevoeging noemde ik je, “Jerusalem, een stad herbouwt door een verbond” (Psalmen 122:3). “Wat zal ik aan jou gelijk maken?” (Eicha 2:13). Evenals je hier zit, zo zit Hij in Jerusalem boven. Evenals het heilige volk beneden niet binnentreedt, zo zal ik zweren dat ik boven niet zal binnentreden totdat ik beneden binnentreedt. Dit is je troost – dat ik met jou op dit niveaiu gelijk sta, met Jerusalem boven, dat Malchoet is en over alles heerst. En nu ben je hier, “Want jou overtreding is groots, gelijke de zee”(Ibid. 13). Als je claimt dat je geen bestaan hebt en geen verlossing, WIE (MI) zal je dan helen (je zal worden geheeld en opgewekt door de Hogere Kracht genaamd WIE). Namelijk datzelfde verborgen eeuwige niveau, dat MI genoemd wordt, Biena doet alles herleven, helen en versterken.
Buiten het feit dat MA en MI vertaald worden als WAT en WIE, wijzen zij ook naar de namen van geestelijke objecten die de in De Zohar beschreven handelingen uitvoeren. De vernietiging van de Tempel was het gevolg van de overtredingen van Israel door middel van egoïstisch ontvangst, zij wilde niet MA”N doen opstijgen voor een Zivug van ZO”N. Zij wenste het Licht in de onreine krachten te ontvangen, hun egoïstische verlangens genaamd “andere goden” (Elokiem Acheriem). Er is maar één Schepper.
De enige eigenschap die we van de Schepper kennen is de eigenschap van het geven. Nabij deze eigenschap te vertoeven wordt gedefinïeerd als het werken “omwille van de Schepper.” Elk ander verlangen kan de mens alleen maar af doen dwalen van deze eigenschap en dus de Schepper want buiten deze eigenschap en het tegenovergestelde er aan bestaat er niets in de schepping. De innerlijke beweging naar de eigenschap van ontvangst doet een mens afdwalen van de Schepper; dit wordt het “aanbidden van andere goden” genoemd. Met als gevolg, ZO”N stopte hun Zivug, de 100 zegeningen verdwenen van de Noekva, en de Tempel was vernietigd.
De 1e Tempel – Malchoet stijgt tot AVI en ontvangt daar het Licht Chaja. De vernietiging – Malchoet daalt af naar het niveau van het ontvangen van het Licht GAR de Roeach.
De 2e Tempel – Malchoet stijgt naar YESHSUT en ontvangt het Licht Nesjama. De vernietinging – Malchoet daalt af naar het niveau van het ontvangen van het Licht Nefesj in zijn Sfira Kether. Alle andere 9 Sfirot vallen onder de Parsa. Dergelijke toestand wordt Galoet genoemd – verbanning van het spirituele, van de wereld Atsieloet. De laatste Sfira Malchoetin de wereld Atsieloet bestaat als een punt onder de Sfira Jessod van Z”A.
Z”A wordt “6 dagen” genoemd, en Malchoet wordt “Sjabbat” genoemd. Is Malchoet dan groter dan Z”A zoals de Sjabbat groter (hoger in niveau) dan weekdagen? De werelden BJA, inclusief onze wereld, ontvangen het Licht van Malchoet. “6 weekdagen” is een toestand wanneer Malchoet met Z”A samenkomt, er een Zivug mee maakt, dan van Z”A het Licht ontvangt, en het doorgeeft aan de gehele wereld.
Aangezien we geïnteresseerd zijn in de toestand van Malchoet wanneer zij het Licht dat ze ontvangt van Z”A doorgeeft aan de wereld, door onze toestanden te meten naar gelang wat we ontvangen van Malcboet, definïeren we de omvang van het maximale ontvangst als Sjabbat. (Dit heeft vanzelfspreken natuurlijk niets te doen met onze kalenderdaggen; weekdagen en Sjabbat zij spirituele toestanden).
ER VERHIEF ZICH EEN STEM EN ZEI: “ELKE DAG IS MIJN VERBOND IN JE GEWEEST SINDS DE DAGEN VAN WELEER.” De Zohar spreekt over het Licht VAK die ZO”N in de grote toestand ontvangen, welke Noekva zoals MA ontvangt. Dit Licht wordt “de dagen van weleer” (Jamiem Kadmoniem) genoemd. Daarom is er in de Thora geschreven (Dvariem 4:32): “Want vraag nu over de dagen van weleer, welke vóór jou waren, sinds dat God de mens op de aarde schiep, en vanuit het ene eind van de hemel tot de ander, of er iets zo groots is geweest is als dit?...”
Het Licht VAK van de grote toestand in ZO”N wordt “de dagen van weleer” genoemd want dit is VAK van AVI. YESHSUT is ZAT van AVI. ZAT is een afkorting van de woorden Zain (7) en Tachtonot (de lagere Sfirot). ZAT van AVI, waarmee de 7 Sfirot van de Partsoef Abba ve Iema bedoelt wordt, is YESHSUT. Deze Zain = 7 dagen, oftewel 7 primaire Sfirot van AVI, met betrekking tot Zain = 7 dagen of 7 Sfirot van ZO”N. Er staat geschreven, “MIJN VERBOND ELKE DAG DOOR HEMEL EN AARDE” (Dvariem 4:26). Deze woorden van de Thora spreken over de Zivug van ZO”N genaamd “hemel” (Z”A) en “aarde” (Noekva). “De dagen van weleer” of “eeuwige dagen” bestaan uit YESHSUT, en “de lage dagen” of “de huidige dagen” zijn ZO”N. De Schepper waarschuwt je dat “je zal verdwijnen van de aarde.” Dit is de betekenis van de waarschuwing van de Schepper over de 100 zegeningen: zij moeten worden bewaakt en permanent geschapen.
Dit komt omdat deze 100 zegeningen welke Noekva elke dag in Zivug van MA van Z”A ontvangt vindt plaats tussen hun tijdens het opstijgen van ZO”N naar YESHSUT, wanneer Z”A als YESHSU (Israel-Saba) wordt en Noekva zoals T (Tvoenah).YESHSUT staat voor Israel-Saba en Tvoenah. Het Licht dat Noekva ontvangt van Z”A wordt 100 zegeningen zoals het Licht in Tvoenah.
Er is hier over gezegd, “de stad dat ermee verenigde” want Noekva genaamd “stad” kwam samen met Tvoenah en Noekva werd als Tvoenah. Noekva ontvangt in Tvoenah het Licht van Tvoenah genaamd “heilige versieringen.” En zoals een kroon van schoonheid, omringt het de aarde en verkrijgt het macht over de aarde.
Hoe dan ook, door de zonden van Israel (de onreine krachten heersen over de reine verlangens), werd de Tempel vernietigd (het Licht verdween) en Israel wordt van zijn land verbannen (viel naar de lagere niveau’s). Dit leidde tot het afstand nemen van Noekva (alle schepselen) van Z”A (de Schepper) want de lagere 9 Sfirot (verlangens) van Noekva viel naar de onreine krachten (werden egoïstisch). Met andere woorden, 9 reine, altruïstische (krachten) werden egoïstisch en verloren hun scherm. Noekva zelf veranderde in een punt dat zich onder de Jessod van Z”A bevindt.
Er staat immers geschreven: “WIE ZAL JE HELEN EN VERSTERKEN.” Als de zonen van Israel terugkeren in hun ambities naar de Schepper (altruïsme wordt ookwel “terugkeren” genoemd), hun daden corrigeren (verlangens), en hun gebeden om correctie in ZO”N naar de Schepper doen opstijgen (MA”N), dan zal het voor hun mogelijk zijn om het Hogere Licht weer in ZO”N te ontvangen. Noekva zal opstijgen naar YESHSUT genaamd MI en zal hierdoor geheeld worden (het Hogere Licht zal Malchoet, de zielen, binnen treden en hun Zijn eigenschappen doorgeven).
10. MI – WIE bepaald boven de grens van de hemel, welke YESHSUT is; MA – WAT bepaald beneden de grens van de hemel, welke Z”A en Malchoet is. En dit is wat Jakov erfde, waar hij Z”A voorsteld dat van het ene eind tot het andere eind schijnt. Vanaf het ene eind, welke MI is, tot beneden toe naar het andere eind, welke MA is. Dit komt omdat hij, Jakov, in het midden staat, tussen YESHSUT en Malchoet. Er staat immers geschreven, MI BARAH ELEH: MI is YESHSUT, BARAH betekend schiep, en ELEH staat voor Z”A en Malchoet.
Feitelijk, er zou moeten worden geschreven, “vanaf het begin, oftewel, vanaf de hoge uithoek van de hemel tot zijn eind (laagste punt) beneden.” Er staat echter geschreven, “vanaf de uithoek van de hemel.” MI is YESHSUT dat alles met zijn vraag behoudt, met zijn verlangen om het Licht voor ZO”N te ontvangen. MA is Noekva. Voordat Noekva MA”N doet opstijgen is hij het laatste niveau dat onder de Chazeh van Z”A staat. Jakov staat tussen YESHSUT en Noekva. Jakov is Z”A dat AA vanaf de Taboer tot Malchoet van AA bekleedt.
Ariech Anpien is de centrale Partsoef van de wereld Atsieloet. Aangezien Atiek niet te bevatten is komt alles van AA en alle Partsoefiem van de wereld Atsieloet bekleden hem (ontvangen er van): de Rosj van AA steekt boven alles uit en geen van de Partsoefiem kunnen het bekleden, zijn gedachten of redenen te bevatten van zijn handelingen.
De volgende Partsoef is AVI. AVI kleedt op AA vanaf de Peh tot de Chazeh. De Partsoef YESHSUT staat onder AVI. YESHSUT bekleedt AA vanaf zijn Chazeh tot de Taboer. Z”A staat onder YESHSUT en bekleedt AA vanaf de Taboer en er onder. De Partsoef Z”A is onvolledig; het heeft alleen 6 Sfirot CH-B-D-CH-G-T ofwel VAK. Het is in de kleine toestand en eindigd met zijn Sfira Tieferet (zijn Chazeh).
Noekva (Malchoet) staat onder Z”A of, beter gezegd, is gelijk aan zijn laatste Sfira Tieferet (de Chazeh van Z”A). Het heeft alleen één Sfira Kether, waar de andere 9 Sfirot van Noukva afdaalde onder de Parsa naar de werelden BJA. De gehele wereld Atsieloet eindigd met de Chazeh van Z”A, waar één Sfira Malchoet staat. Malchoet wordt niet voor niets punt genoemd.
In onze wereld is er een verlangen en zijn fysieke manifestatie, handeling. Bijvoorbeeld, iemand wilt iets ontvangen, maar staat zich niet toe die fysieke handeling om te ontvangen uit te voeren. Het verlangen blijft hierdoor hetzelfde. Er zijn geen lichamen in de spirituele werelden, alleen verlangens. Derhalve, het verlangen zelf bestaat uit handelen. Evenals in onze wereld, is het gelijk aan een volledige mentale en fysieke handeling. Dus, alleen het verlangen bepaald de toestand van de mens.
Stel je eens voor hoe het zou zijn wanneer we mensen niet naar hun handelen beoordelen, maar naar hun verlangens! We zouden schrikken van de kloof die we hebben in relatie tot de voorwaarden van het spirituele. Onze verlangens worden bepaald door ons geestelijke niveau. De Zohar legt uit dat alleen door het opstijgen van MAN (de verzoek naar correctie) we ons het Licht kunnen aantrekken welke ons zal corrigeren en tot een hoger niveau zal laten stijgen. Op het moment dat zoiets voorkomt, beginnen we onmiddelijk te denken en te wensen wat dat niveau ons dicteerd.
Onze taak is daarom om een verlangen naar correctie te verkrijgen. Voor dit doel hebben we een “vraag” nodig, een gewaarwording dat onze toestand niet te tolereren is. Dit wordt het beseffen van het kwaad van ons egoïsme genoemd. We moeten realiseren dat egoïsme ons schaadt door dat het ons van het geestelijke afscheidt. Echter, hiervoor moeten we op zijn minst kunnen voelen wat het geestelijke is en hoe goed het is. Kwaad kan alleen worden geneutraliseerd in contrast met goed. Hoe kunnen we dan het geestelijke voelen als we nog steeds verzonken zijn in ons egoïsme? In welke Keliem (verlangens) kunnen we het voelen? Geen van onze verlangens zijn gecorrigeerd en derhalve kunnen we niet het geestelijke voelen. Maar als gevolg van het studeren van Kabbala, begint de mens het omringende Licht te voelen welke hem het verlangen voor het geestelijke geeft. (Zie “Inleiding op Talmoed Eser Sfirot” § 155)
Iemand die zich in deze (fysieke) wereld bevindt, maar spiritueel gezien in de werelden Brieja, Jetsiera en Asieja leeft, verlangt erna om van dit Licht te genieten. Echter, tegenover deze verlangens, heeft diegene een antiverlangen die deze wil om genot te ontvangen neutraliseerd, genaamd scherm.
Een scherm wordt binnen de Klie (verlangen; mens) geschapen (ontstaat, komt te voorschijn) als gevolg van het door de mens ervaren van het spirituele Licht (de Schepper). Derhalve, al onze verzoeken (gebeden, MAN, “vragen”) zouden om één ding moeten gaan: om krachten te ontvangen van de Schepper om zich spiritueel te kunnen verheffen. Met andere woorden, we zouden onze verlangens moeten omvormen of, zoals de Kabbala het definïeerd, een scherm te verkrijgen. Het is onmogelijk om de wens om genot te ontvangen op te heffen. De Schepper schiep het, dit is Zijn enige creatie. We kunnen er alleen een scherm op verkrijgen (een contragewicht tegen dit verlangen), boven de schepping (egoïsme) uit te stijgen, en in vorm gelijk te worden aan de Schepper, en naar mate die gelijkenis met Hem samen te vloeien.
Aldus, de Partsoef Jakov bevindt zich tussen MI (YESHSUT) en Malchoet, van het éne eind tot het andere. We spreken hier nu echter van de toestand van ZO”N, wanneer zij opstijgen naar YESHSUT en het Licht van dat niveau ontvangen.
De spirituele afstand van ons tot de Schepper wordt onderverdeelt in 125 benoemde niveau’s. Deze niveau’s verschillen alleen van elkaar door de sterkte van hun scherm op de egoïstische verlangens van de mens. Een mens ontvangt het Licht in zijn gecorrigeerde, altruïstische verlangens. De groote van het ontvangen Licht hangt af van de sterkte van het Scherm of de groote van het gecorrigeerde deel van het verlangen.
Elk niveau wordt gekarakteriseerd door een bepaalde waarneming van de Schepper, ook Licht genoemd. We kunnen de spirituele toestand van de Klie (mens) in de Hogere Wereld bepalen door de naam van zijn niveau of de naam van het Licht dat het ontvangt. Elk niveau heeft zijn bepaalde Licht. De gradaties van de waarneming van de Schepper bepalen de geestelijke niveau’s
Door het opstijgen naar het niveau genaamd YESHSUT, ontvangt ZO”N het Licht van YESHSUT, alhoewel de Partsoef YESHSUT op dezelfde manier opsteeg naar het hogere niveau en het Licht van dat niveau ontvangt genaamd AVI. Door op te stijgen naar het niveau genaamd AA, ontvangt AVI het Licht van AA. We benoemen niveau’s naar de namen van de Partsoefiem die zich daar in hun normale, laagste toestand bevinden. Zulks toestand wordt permanent genoemd.
Alhoewel, door naar een hoger niveau te stijgen, ontvangt de lagere Partsoef het Licht van dat niveau, welke zijn eigenschappen veranderd; voor dit alles, blijft deze Partsoef zichzelf. Net zoals een persoon die andere eigenschappen verkrijgt dezelfde persoon blijft, maar dan op een ander niveau. Derhalve, wanneer gezegd wordt dat door het stijgen naar een ander niveau de lagere Partsoef gelijk wordt aan de hogere, dan impliceerd dat alleen dat de innerlijke eigenschappen van een persoon (of Partsoef ) veranderen, maar niet zijn persoonlijkheid.
Na het opstijgen van YESHSUT, ontvangt Z”A groter Licht omdat het opstijgen in de spirituele werelden het versterken van het scherm inhoudt. Beter gezegd, Z”A groeide, maar, veranderde niet in YESHSUT. Daarvoor, op zijn eigen plaats, had het het Licht Roeach-Nefesj. Na het opstijgen en het verkrijgen van een scherm, ontvangt het ook het Licht Nesjama.
Dat is waarom alle stappen tussen ons en de Schepper vooraf bepaald zijn, en de Partsoefiem in hun vaste toestand zich “daarop” bevinden. Echter, alle Partsoefiem en de werelden kunnen opstijgen met betrekking tot hun permanente, laagste toestanden met 1, 2 of 3 niveau’s. In zijn laagste toestand heeft de Partsoef alleen G”E en geen AHP, en alleen het Licht Nefesj-Roeach.
Door van boven het Licht van correctie te ontvangen, kan een Partsoef geleidelijk aan zijn AHP corrigeren. Het corrigeert de Sfira Biena en ontvangt het Licht Nesjama wat inhoudt dat het één niveau hoger opstijgt. Naderhand, corrigeerd de Partsoef de Sfira Z”A, ontvangt het Licht Chaja, en stijgt op tot een andere niveau, oftewel, alwaar twee niveau’s. Daarna, kan het de Sfira Malchoet corrigeren en het Licht Jechida ontvangen, wat inhoudt dat de Partsoef tot het 3e niveau opstijgt.
Het nieuwe Licht komt de gecorrigeerde Klie (Sfira) echter niet binnen. Het komt van boven en passeerd door de Sfira Kether heen.
Het opstijgen (Alieja) van de mens kan de consequentie zijn van twee factoren
stimulatie van verlangen van boven af, welke “speciale dagen” genoemd worden – feesten, nieuwe manen, Sjabbat’s. Dergelijke opstijging wordt “stimulatie van bovenaf” genoemd en leidt tot het algemene opstijgen van alle werelden ABJA en in samenhang met alles dat binnen hen bestaat.
De inspanningen van de mens in zijn studies en innerlijk werk om krachten te ontvangen van de Schepper als persoonlijke gift en door het bidden om tot een hoger niveau op te stijgen
Zulks een opstijging wordt niet gelimiteerd door alleen 3 niveau’s; het kan een persoon door alle 125 niveau’s naar de Schepper heen helpen. Het verkrijgen van het hoogste niveau is het doel waarvoor de mens is geschapen. Hij is aangewezen om die taak te volbrengen terwijl hij in deze wereld leeft. Totdat hij dat doel bereikt zal hij herhaaldelijk geboren worden in deze wereld.
Alhoewel ZO”N de “laatste dagen,” worden genoemd, door het opstijgen en het ontvangen van het Licht van YESHSUT, ontvangen zij de naam “de afgelopen dagen, of, eerste dagen.” In dat geval, steeg het ene eind van de hemel (Malchoet of MA) en beklede het de andere eind van de hemel (YESHSUT of MI). MA en MI vloeien in één samen, en De Zohar benadrukt dat feit. EN WEET:
MI = WIE
BARAH = SCHIEP
ELEH = DEZE
MI is YESHSUT die op de plaats van Biena de AA staat, tussen de Chazeh tot de Taboer van AA. Alhoewel alleen Keliem van GE (vaten van geven) aanwezig zijn in de wereld Atsieloet, zijn er Partsoefiem tussen hen die alleen wensen te geven: Atiek, AA, AVI, en diegenen die willen ontvangen omwille van het geven, voor het doorsturen van Licht naar YESHSUT en ZO”N.
YESHSUT en ZO”N willen het Licht ontvangen om het doorgeven aan de zielen van de rechtvaardigen, aan mensen die correctie zoeken. Binnen de wereld van Atsieloet is er een onderverdeling van twee type Keliem, GE en AHP, en zij zijn afgescheiden van elkaar door de Parsa van de wereld Atsieloet dat zich bevindt in de Chazeh van AA.
Het Licht van de Rosj van AA dringt niet door onder de Parsa van de wereld Atsieloet. Daarom kunnen YESHSUT of ZO”N (wanneer zei opstijgen naar YESHSUT) in zijn permanente toestand niet het Licht van de Rosj van AA ontvangen. Zij hebben het verlangen om het Licht Chochma, genaamd de “vraag”, te ontvangen. De vraag (verlangen om het Licht Chochma te ontvangen) is MI (YESHSUT, het Licht van YESHSHUT) welke BARAH is (verder; buiten ELEH oftewel ZO”N). Na het opstijgen ontvangen ZO”N niet het Licht Chochma. Zij zijn buiten de Rosj van AA en buiten het Licht van Chochma, maar zij hebben een vraag, verlangen er naar. Dit maakt het voor hun mogelijk om het opstijgen voort te zetten.