Kabbalah.info - Kabbalah Education and Research Institute

De Zohar - Wie Is Dit?

Wie is dit

169. Rabbi Elazar opende de discussie en zei, “Wie is dit die vanuit de wildernis opkomt?” (Hooglied 3:6). MI ZOT (Wie is dit?) is het samenvoegen van twee vragen, van de twee werelden Biena en Malchoet, tot één sterke verbinding. VANUIT .... OPKOMT betekend dat het opkomt om het “Heilige der Heilige” te worden. Dat komt omdat MI Biena is en het “Heilige der Heilige” wordt genoemd. Het is samengevoegd met ZOT (Malchoet) zodat het voor Malchoet mogelijk is om op te komen VANUIT DE WILDERNIS. Dit komt omdat zij DIT erft om een bruid te worden en de Choepa binnen te treden.

De Zohar verklaart deze passage als: “Wie is dit die vanuit de wildernis opkomt, leunende op haar geliefde?” (Hooglied 8:5). Dit beschrijft een toestand aan het einde van de correctie, wanneer de bruid de Choepa binnentreedt. MI ZOT: MI is Biena en ZOT is Malchoet. Aan het einde van de correctie voegt Biena zich bij Malchoet en worden zij beiden heilig genoemd. Voor het einde van de correctie wordt alleen Biena heilig genoemd, terwijl Malchoet tot haar opstijgt en van haar heiligheid verkrijgt.

Desalniettemin, aan het einde van correctie wordt Malchoet als Biena, dan worden zij beide heilig;  Malchoet voegt zich volledig bij Biena toe door de overeenkomst van eigenschappen en vloeit dan met de bron van het leven samen; omdat een scherm (de beperking die opgelegt is op het ontvangen van Licht in Malchoet) het Ohr Chozer creërt die alle Sfirot tot één maakt.

Het is juist in dit Ohr Chozer waarin al het Ohr Chochma van de Schepper kan worden ontvangen. Met als gevolg dat Malchoet eindigt met de letter Joed en voor altijd gelijk wordt aan Biena. Er staat immers niet voor niets geschreven dat Malchoet zich tot Biena samenvoegd door de gelijkenis van hun verlangens en één geheel vormt.

Omdat Malchoet het niveau bereikt van het “Heilige der Heilige” en gelijk wordt aan Biena, wordt het licht van Malchoet voortdurend verbonden aan het Licht Biena. Het KOMT OP evenals een offer, dat het “Heilige der Heilige” is, omdat MI (AVI, Biena of het “Heilige der Heilige”) zich samenvoegd met ZOT (Malchoet), zodat Malchoet opstijgt en het “Heilige der Heilige” wordt. Offeren is het deel van Malchoet dat opstijgt met de eigenschappen van Biena.

Nadat MI (Biena) zich met ZOT (Malchoet) samenvoegd en zichzelf omzet naar ZOT ( het “Heilige der Heilige”) is er geen verkleining van de toestand van Malchoet omdat de verkleining alleen plaatsvond als gevolg van het verminderen van de eigenschappen van Malchoet, wanneer nieuwe egoïstische verlangens er in begonnen te verschijnen. Nu dat Malchoet met zijn eigenschappen even heilig geworden is als Biena, verdwijnt de dood, en het is niet mogelijk dat Malchoet in de egoïstische verlangens valt omdat het volledig gecorrigeerd is en de eigenschappen ontvangen heeft van Biena, die als heilig beschouwt worden. Nadat Malchoet deze eigenschappen heeft verkregen treedt het Hogere Licht er in binnen. Malchoet komt uit de wildernis (het ervaren van een gebrek aan leven door het afwezig zijn van altruïstische eigenschappen) en treedt de Choepa binnen.

Dit (zie item 124) vindt plaats als een gevolg van de inspanningen van de mens en worden de “ondersteuners van de Thora” genoemd. Deze inspanningen zijn het belangerijkste deel van de schepping omdat zij de Thora creëren en Malchoet aan het einde van de correctie tot een grote Zivoeg brengen en het eveneens volledig opvullen met het Licht.

Deze grote Zivoeg op de volledig gecorrigeerde Malchoet (inlusief Malchoet de Atsieloet) kan bereikt worden juist vanuit het ervaren van de geestelijke WILDERNIS.

 

170. Zij komt op vanuit de wildernis van het zachte gefluister van de lippen, zoals er staat geschreven, “En je lippen zijn als een scharlaken snoer" (Hooglied 4:3). Dit komt omdat het Hebreeuwse woord MIDBAR (wildernis) afstamt van het woord DIBOER (articulatie). Er staat geschreven over de sterke krachten dat zij de machtige ‘goden’ zijn die de Egyptenaren met alle plagen van de wildernis bestoken aangezien alles wat de Schepper met hen deed niet in de wildernis plaatsvond maar in de plaats die bewoond wordt. De vers “in de wildernis” betekend “met kracht van het gesproken woord.” Dit komt op vanuit de articulatie van de mond, dat Malchoet is, wanneer ze opstijgt en onder de vleugels van de moeder (Biena) schuilt. Naderhand, door middel van articulatie, daalt ze af naar het heilige volk (het verschil tussen spraak en articulatie is dat articulatie een handeling is dat spraak vorm geeft).

Voor het einde van de correctie, wanneer Malchoet nog steeds de “boom van goed en kwaad” genoemd wordt, vinden alle correcties plaats door middel van het opstijgen van MA”N (gebeden/verzoeken), met behulp waarvan de rechtvaardigen (i.e. zij die met hun eigenschappen op de Schepper willen gelijken) Malchoet naar Biena doen opstijgen. Daar ontvangt Malchoet de eigenschappen van Biena, omdat een geestelijke opstijging het verkrijgen van eigenschappen betekend. Malchoet wordt even heilig (altruïstisch) als Biena.  

MA”N is een gebed dat in het hart van de mens plaatsvindt omdat Malchoet “articulatie” heet. Voor het einde van de correctie kunnen goede woorden echter niet bestaan zonder slechte woorden. Met andere woorden, het einde van de correctie zal niet plaatsvinden zonder een stem en een spraak van Biena afkomt (wanneer Malchoet gelijk wordt aan Biena, waarmee het verenigen van de stem en de spraak bedoelt wordt, een Zivoeg van ZO”N in hun grote gecorrigeerde toestand)

Z”A ontvangt een stem van Iema en geeft het in zijn spraak door aan Malchoet. Deze spraak is volledig goed en leeg van enig kwaad; Malchoet ontvangt aldus van Biena het Licht van heiligheid, Chassadiem. Zonder gecorrigeerd te zijn door de absoluut goede, altruïstische stem van Biena, bestaat de stem van Malchoet altijd uit goed en kwaad. De onreine krachten hechten zich eraan en Malchoet kan niets van de Heiligheid (Biena) ontvangen.  

De MA”N dat de rechtvaardigen met hun gebeden doen opstijgen is als een zacht gefluister van de lippen, een stemloze spraak, zoals de profeet zegt: “Alleen haar lippen bewogen, maar haar stem kon niet gehoord worden” (I Samuel 1:13). Er is geen verband tussen MA”N en de onreine krachten, en Malchoet kan opstijgen naar Biena zodat het een stem van kan ontvangen.

Als een resultaat hiervan wordt een heilig gebouw Malchoet opgericht en ontvangt het het Licht van een Zievoeg tussen stem en spraak, en de heiligheid van haar toespraak komt neer op de hoofden van rechtvaardigen die MA”N doen opstijgen, en daardoor Malchoet doen herleven.  

Zie, er staat geschreven, ZE KOMT OP VANUIT DE WILDERNIS, want de bruid (Malchoet) wordt nu uitgenodigd tot een grote Zivoeg onder de Choepa. Dit vindt plaats omdat de rechtvaardigen MA”N doen opstijgen en op deze manier Biena (stem, Iema) met Malchoet (spraak) combineren met als gevolg dat de spraak van Malchoet even mooi wordt als die van Biena.

Dit komt omdat al deze Zievoegiem, in het bijzonder (elk ervan stelt een kleine deeltje voor van de algemene Malchoet), die één na de ander door rechtvaardigen gemaakt zijn tijdens de 6000 jaren, verbinden nu alle delen van Malchoet (de zielen van de rechtvaardigen) samen in één grote Zievoeg, op het moment dat de bruid (Malchoet) onder haar Choepa binnen treedt.

Met andere woorden, het is juist dit zachte gebed, het opstijgen van MA”N gedurende 6000 jaar door een stemloze spraak (aangezien goed nog steeds vermengt is met het kwaad in de stem van Malchoet) die de voorwaarde creërt voor de grote Zivoeg van Malchoet met Z”A, van de mens met de Schepper.

Aangezien Malchoet de stem van Biena ontving met behulp van Biena, van Iema, (alle goede daden uitgevoerd door de rechtvaardige gedurende 6000 jaar)  is alles nu gecombineerd in een eeuwige grote Zivoeg onder de Choepa. Malchoet wordt absoluut goed zonder geen enkel aantastig van kwaadaardigheid, en veranderd in het “heilige der heilige” evenals Iema.

De stille articulatie wordt gedefinieerd als het bewegen van de lippen zonder de deelname van een gehemelte, strottehoofd, tong, en tanden. Dit is de manier hoe MA”N opstijgt, wanneer Malchoet tussen de vleugels van Biena stijgt, i.e., het ontvangt in zijn spraak de stem van de vleugels van Iema. Naderhand, na het verkrijgen van spraak, komt het neer op de hoofden van het heilige volk. Omdat na het ontvangen van de stem d.m.v de eigenschap van Iema, genade, wordt even heilig als Biena, en zijn heiligheid daalt af op diegene die het hebben gecorrigeerd. Met als gevolg dat zijn het “heilige volk” genoemd wordt aangezien de spraak van Malchoet zo heilig is als die Iema-Biena.

Er is een stem en een spraak. Een stem is een innerlijk deel; een spraak is zijn uiterlijke openbaring. Deze openbaring is gebasseerd op uitademing (de stille letter Hej). Z”A wordt een stem genoemd, Malchoet wordt een spraak genoemd. Letters worden gezongen naar gelange de tekens van de tonen (Ta’amiem) gevolgd door de letters met hun leestekens.

Het niveau Ohr Chaja (genaamd Kol – stem) komt uit van het scherm in Peh van Aviejoet Giemel bekend als “tanden.” Van dit Licht ontvangt Z”A ontvangt Ohr Chochma, en dan wordt zijn stem buiten gehoord (baart menselijke zielen).

De stem van Z”A wordt toch niet gehoord onder het niveau van Nesjama aangezien het scherm niet genoeg kracht heeft om het Ohr Chochma te ontvangen. Het niveau Ohr Jechida in Z”A genaamd Dieboer (spraak) komt uit van het scherm in Peh van Aviejoet Dalet. Dit is het meeste krachtige scherm dat al het Licht onthult en wordt “lippen” genoemd.

Het Licht NaRaNCHaJ onthult het innerlijke eeuwige verborgen  wijsheid, Chochma. Deze verborgen gedachte, het innerlijke Licht Biena kan niet in Z”A beneden schijnen want ZO”N niet kan ontvangen van Peh de AA. Desalniettemin, de 2 niveau’s van het Licht, Chaja en Jechida dat van AA afdaalt worden omgezet in stem en spraak met behulp van Biena, alhoewel dit het Licht van gedachte is, wijsheid en rede.

In Z”A wordt stem gevormd en in Malchoet spraak. Wanneer een rechtvaardige zijn gebeden (MA”N) naar Malchoet doet opstijgen en daardoor ZO”N naar AVI doet opstijgen, die constant verbonden zijn om het Licht aan de lagere Partsoefiem te geven, dan ontvangen ZO”N het Licht van AVI. Dit Licht wordt “stem en spraak” genoemd. De eigenschap van de rechtvaardigen is om het reine te creëren en het onreine met hun stem te vernietigen. In het begin was er maar één taal en één spraak op de aarde, Lasjon Kodesj – de heilige taal. In het Hebreeuws betekend hetzelfde woord  (evenals in het engels) Lasjon “tong” (zowel als een lichaamsdeel als een manier om te communiceren). Spraak wordt aangeduidt door het Hebreeuwse woord Safa (lip).

171. Hij vraagt: “Hoe stijgt Malchoet op door het uitgesproken woord?” En hij antwoord: “Wanneer men in de ochtend wakker wordt en zijn ogen open doet zou hij eerst zijn Schepper, zijn Meester moeten prijzen. Hoe kan hij een dan zegenen? Dit is wat de rechtvaardigen deden: Zijn bereide naast hun een vat water, zodat wanneer zij in de nacht wakker werden zij hun handen waste, opstonden en de Thora na het zegenen ervan bestuderen. Wanneer de haan kraaide en het precies middenacht was, dan voegde de Schepper zich tot de rechtvaardingen in Gan Eden. Het is verboden om een zegen in de ochtend uit te spreken met onreine handen.

Hij vraagt: aangezien er staat geschreven dat het begin van de correctie van Malchoet uitgedrukt zou moeten zijn in een zachte spraak van de lippen, hoe kan een mens die opstaat (geestelijk) dan een zegen uitspreken vanuit het diepste van zijn stem? Deze zegening zou moeten worden uitgesproken in fluister zodat men een stem krijgt van Iema en door deze stem (de kracht van Iema-Biena) Malchoet naar Biena doen opstijgen, er altruïstische eigenschappen aan (Malchoet) geven.

De Zohar antwoord: de eerste rechtvaardigen hebben dit gecorrigeerd. Wanneer iemand in slaap valt (valt naar het niveau van het Licht in zijn Partsoef genaamd “slaap”) zijn heilige zieln (het Licht dat in zijn geestelijke Partsoef was) stijgt op en alleen de onreine kracht van de oerslang (egoïstische eigenschappen) verblijven er, aangezien slaap het zestigste deel van de dood is (De Talmoed. Brachot 57:2).

Aangezien dood de onreine eigenschap is van de oerslang, op het moment van het ontwaken (ontvangst van een nieuw Licht van boven) verlaat de onreine kracht niet de mens niet geheel, maar verblijft op zijn vingertoppen (niet alle verlangens van de mens veranderen onder invloed van het Licht dat van boven is ontvangen, genaamd het “Licht van de ochtend” of “Het Licht van ontwaken”).

Des te groter de heiligheid en het Licht dat aanwezig was in de mens voordat hij in slaap viel (voordat hij in een lage geestelijke toestand viel genaamd “slaap”), des te meer de onreine (egoïstische) kracht aan deze verlangens hangt wanneer de altruïstische intenties hem tijdens de slaap verlaten.

Vingertoppen duiden de meest pure plaats (verlangens) in het gehele lichaam (alle verlangens) aan, de meeste geestelijke van de verlangens in de mens, aangezien ze gevult kunnen worden met het Ohr Chochma (met behulp van een scherm treedt het Ohr Chochma deze verlangens in als gevolg van een Zivoeg).

Daarom, zelfs na het ontwaken (aan het begin van geestelijke opleving) verlaat de onreine (egoïstische) kracht niet deze plaats wensende om op zijn mist wat van dat grote Licht te ontvangen dat deze verheven altruïstische verlangens kan opvullen.

Zie, handen zouden moeten worden gewassen om egoïstische achtergebleven verlangens van hen te verwijderen. Twee vaten moeten voor dat doel worden voorbereidt: de hogere en de lagere (beker) die de verwijderde onreinheid accepteerd.

Het hogere vat duidt Biena aan, wiens Licht de onreine krachten doet verdrijven. Vandaar dat het wassen van de vingertoppen met water (de kraachten of verlangens van Biena) de onreine krachten van deze plaats doet verdwijnen. Hierdoor komt Malchoet van zijn kwaad (egoïsme) af en wordt heilig en goed. Daarna kan men de Thora bestuderen en de Schepper er voor zegenen, aangezien het wassen van de handen gelijk staat aan het doen opstijgen van MA”N in een fluisterend gebed naar de vleugels van Iema.

Wanneer de haan kraait (dit is een speciale geestelijk teken geassocieerd met de engel Gabriel) is het precies middenacht, zoals er staat geschreven: “Het grotere licht om de dag te regen en het kleinere licht om de nacht te regen” (Thora Beresjiet 1:16). Dit komt omdat het kleinere licht, de heilige Sjchiena-Malchoet kleiner werd, zich in de onreine krachten klede en “haar voeten dalen af naar de dood” (Proverbs 5:5).

Dit komt omdat tijdens 6000 jaar, tot zijn volledig correctie, Malchoet de boom van goed en kwaad is: wanneer iemand het verdient, dan wordt het goed voor hem en reinigd het hem, zo niet – dan slaat het om in kwaad. Diensoverkomstig wordt de kracht van de nacht in twee-en verdeelt: het eerste deel refereerd naar de toestand genaamd “onwaardig – of kwaad,” de tweede refereerd naar de toestand “waardig, of goed.”

De eerste correctie van het goede deel van Malchoet wordt precies om middenacht (in een toestand die zo genoemd wordt) gedaan omdat Malchoet dan de stem van Biena ontvangt. Het stijgt naar Malchoet de Iema-Biena en wordt daar gecorrigeerd. Met als gevolg dat de beperking en strengheid absoluut heilig en goed worden, volledig leeg van kwaad. Dit betekend dat beperking en strengheid op de onreine krachten vallen, en voor Israel veranderen zij in genade.  

Yitzchak betekent beperking, de eigenschap van Malchoet in Biena. Het Hebreeuws voor “haan” is Tarnegol. Het is afgeleid van het woord Gever (mens) en duidt de engel Gavriel (Gabriel) aan van wie Malchoet de stem van Biena verkrijgt.

Wanneer Gavriel de stem van Biena aan Malchoet doorgeeft, bereikt zijn roep alle hanen van de wereld, waarmee de eigenschap strengheid in het geestelijke vacuum wordt bedoelt. Een dergelijk toestand wordt “deze wereld” genoemd of Malchoet de Malchoet. Iedereen spreekt alleen met deze stem, die gecorrigeerd is door de eigenschap genade van Biena. Derhalve domineert de stem van Malchoet (zijn strengheid) niet langer na middenacht, terwijl de stem van Biena deze plaats claimt en de “haan van deze wereld” kondigt de eigenschap strengheid aan in Malchoet de Malchoet.

Zie, een kraai van een haan (het veranderen van eigenschappen) wordt precies om middenacht gehoord (de tijd wanneer toestanden veranderen). De kraai betekend dat Malchoet al gecorrigeerd is door de stem van Biena en dat deze stem al binnen Malchoet is. Dit wordt gedefinieerd als het moment van middenacht die het begin aanduidt van de tweede helft, van het volmaakte goed zonder kwaad.

Wanneer Malchoet de stem ontvangen heeft van Biena, doet de rechtvaardige met behulp van zijn studie van de Thora na middenacht (in deze toestand) MA”N opstijgen. Ze blijven MA”N doen opstijgen tot zij de toestand bereiken van “vreugdevolle strengheid” in Iema, waarover staat geschreven: “Ze stijgt ook wanneer het nog steeds nacht is”  (Spreuken 31:15). Dit komt omdat ’s nacht de hogere Malchoet zijn schittering laat zien.

De openbaring van Malchoet vindt plaats in Gan Eden, i.e., het is bedoelt voor de rechtvaardigen die het gecorrigeerd hebben met hun werk en studie (in de toestand van) na middenacht. De Schepper amuseert Zichzelf met hen (vult ze met Ohr Chochma) in Gan Eden. De corrigeerde Malchoet wordt de “Heilige Sjchiena” genoemd of Gan Eden aangezien het Chochma ontvangt en verheugd met de rechtvaardig die binnen haar de MA”N voorstellen.

De vers die beschrijft hoe onreinheid (egoïstisch verlangens) van de vingers van de mens (zijn meest verheven verlangens) worden weggewast (gecorrigeerd naar altruïstische eigenschappen)  is niet alleen waar m.b.t. de nacht. Een mens stijgt van het lage niveau “slaap” naar het hogere niveau “ontwaking,” het verschil tussen de twee toestanden is dat hij eerst de essentiële Ohr Chassadiem genaamd “slaap” ontving, terwijl “ontwaken” het ontvangen van het Ohr Chochma mee wordt bedoelt. De onreine kracht blijft zich hechten aan de vingertoppen van de mens (de mens dient het namelijk te corrigeren en hogere geestelijke niveau’s te bereiken). Zie, het is aan hem om zijn handen te wasssen (zijn verlangens en intenties “omwille voor de Schepper” te maken) vóór het uitspreken van een zegen (een beroep doen op de Schepper voor het ontvangen).

172. Immers, wanneer iemand in slaap valt dan vertrekt zijn ziel van hem. En wanneer deze ziel hem verlaat dan komt de onreine kracht, vult zijn handen, en maakt ze onrein. Het is dus verboden om een zegening uit te spreken zonder het wassen van de handen. En mocht je bezwaar hebben dat wanneer een persoon niet in slaap is en zijn ziel niet van hem vertrekt de geest van onzuiverheid niet zijn handen ontwijd. Wanneer hij echter de toilet binnen treedt dan zou hij zich van het uiten van een zegen het of het lezen van zelfs één woord van de Thora moeten onthouden tot hij zijn handen wast. En als u zegt dat het is omdat zijn handen bevuild zijn, het is niet zo, want hoe zijn zij zo bevuild geworden?

173. Wee aan die mensen die niet bewust zijn van de eer van hun Schepper en Zijn Majesteit niet in acht nemen, en niet het doel van deze wereld begrijpen. Er is een bepaalde geest die in elke [toilet] van de wereld rondwaart, een geest die van vunzigheid en uitwerpselen houdt, en zich onmiddelijk hecht aan de vingers van de mens.

Evenals Rabbi J. Ashlag zie ik er van af om te commentariëren op de items 172 en 173 van De Zohar. Iemand die geestelijke bevatting waard wordt zal deze text begrijpen.

Kabbalah Library

Delen